Tuinfluiter

(sylvia borin)

 

De Tuinfluiter heeft een ronde kop en een korte dikke snavel. Het egale verenkleed is het belangrijkste zichtkenmerk, beigebruin van boven, licht  geelbruin van onder met een witte buik. Hij heeft geen wenkbrauwstreep of andere opvallende kenmerken. De poten zijn grijsbruin. Onvolwassenen zijn warmer geelbruin.

Hij is het best te herkennen aan de senlle, muzikale, kabbelende zang, vaak lang aangehouden, die lijkt op het eerste deel van de zang van de Zwartkop, meestal vanaf een verborgen zangpost.

Bos- en moerasgebieden en rivierdalen met veel struiken, parken grote tuinen.

In Nederland en België een talrijke broedvogel en doortrekker.

 

L 14 / SW 20-24,5 / BD

Maak jouw eigen website met JouwWeb