Kalanderleeuwerik

(melanocorypha calandra)

 

Dit is een grote leeuwerik, duidelijk forser en zwaarder dan de Veldleeuwerik. Hij heeft een grote kop, geen kuif, een lichte wenkbrauwstreep, brede driehoekige vleugels, een opvallende maar variabele zijhalsvlek en een zeer dikke zaadetersnavel.

Groepen in vlucht doen bijna steltloperachtig aan. De opvallende witte vleugelachterrand contrasteert dan met de donkere ondervleugel. Hij heeft witte buitenste staartpennen.

Hij heeft een Veldleeuwerikachtige zang, waarin het kenmerkend rinkelend klietra en imitaties zijn verwerkt, in een hoge wijde cirkelvormige zangvlucht of lager, met merkwaardige langzame vleugelslagen, of zelfs vanaf de grond.

Grassige steppen met lage struiken, droge stenige terreinen, cultuurgronden.

In NW-Europa een dwaalgast, ook in Nederland.

 

L 18-19 / SW 34-42 / Z

Maak jouw eigen website met JouwWeb