Terekruiter

(xenus cinereus)

 

De Terekruiter is de enige kleine steltloper met een duidelijk opgewipte snavel. Hij is enigszins als een kleine Tureluur, vooral in de vlucht, maar heeft een langere snavel, kortere gele poten, twee zwarte strepen over de rug en slechts een smalle witte vleugelachterrand. Soms is de donkere vleugelboeg zichtbaar.

Zijn roep is een trillend duu-duu en een Regenwulpachtig wiet. Bij alarm toe-lie. Zijn zang is een drielettergrepige fluittoon.

Hij foerageert actief, trippelend waarbij hij de kop op en neer beweegt.

Bossen en vochtige terreinen met struiken, bij zoetwater. In de winter aan kusten en in estuaria.

In W-Europa een dwaalgast, ook in Nederland.

 

L 22-24 / SW 57-59 / Z