Spotvogel
(hippolais icterina)
De Spotvogel heeft groenbruine bovendelen en gele onderdelen. Onvolwassenen en sommige adulten zijn grijzer. Hij verschilt van de Orpheusspotvogel door de langere staart, de langere spitsere vleugels met een lange handpenprojectie voorbij de tertials, en het lichte vleugelpaneel.
Hij heeft een kenmerkende krachtige zang, herhalend, lijkend op die van de Bosrietzanger maar met een mengsel van muzikale tonen en krassende, scherpe en nasale dissonanten. Zijn roep is een karakteristiek deddero-iet, een hard tek, tek of hoe-iet.
Bosranden, struikvegetaties langs rivieren, parken tuinen, boomgaarden.
In Nederland en België een talrijke broedvogel.
L 13 / SW 20,5-24 / B
Maak jouw eigen website met JouwWeb