Bruingele Babbelaar

(turdoides fulvus)

 

Dit is de enige N-Afrikaanse babbelaar, egaal zandbruin met lichtere onderdelen, enigszins als een bleek vrouwtje van de Merel maar met een lange staart en een iets omlaaggebogen snavel.  De geslachten zijn gelijk. De poten zijn grijsgroen of geelbruin.

Zijn zang is een zestal langgerekte fluitende pie-oe-tonen. Zijn roep is een zachte triller en een kort piep.

Struiken, vooral acacia, in woestijnen, halfwoestijnen en oases.

 

L 25 / SW 27-30,5

Maak jouw eigen website met JouwWeb