bernicla

hrota

                    nigricans

Rotgans

(branta bernicla)

 

De Rotgans is de enige gans met een geheel zwarte kop, de kleinste en donkerste van de 3 soorten met een zwarte hals. Ze hebben een kleine witte zijhalsvlek. De bovenborst is zwart. De rug, stuit en vleugels donker grijsbruin. De staartdekveren zijn wit. Juvenielen en onvolwassenen hebben opvallende witte randen aan de vleugeldekveren en hebben geen zijhalsvlek.

De Zwartbuikrotgans (ondersoort bernicla) leeft in Siberië en heeft leigrijze onderdelen.

De Witbuikrotgans (ondersoort hrota) leeft in Frans Jozefland, Spitsbergen en Groenland en heeft lichte grijsbruine tot witte onderdelen. Hij overwintert voornamelijk in Ierland, NO-Engeland en Denemarken. In Nederland een onregelmatige wintergast.

De Zwarte Rotgans (ondersoort nigricans) leeft in O-Siberië en Canada en heeft bijna zwarte onderdelen en een opvallende witte flankstreep. In Europa een dwaalgast, ook in Nederland.

De roep is een ronkend ruk-gruk-grunt

Hij leeft aan Arctische kusten en eilanden en moerassige toendra. In de winter op estuaria, wadden en aanliggende akkers en weilanden.

In Nederland overwinterend in groot aantal (ondersoort bernicla).

 

L 56-61 / SW 110-120 / W