Kaffergierzwaluw

(apus caffer)

 

De Kaffergierzwaluw is groter dan de Huisgierzwaluw met een langere diep gevorke staart, een smallere witte stuit, een blauwzwart (niet bruinzwart) verenkleed en een witte achterrand aan de armvleugel. De handpennen op de ondervleugel contrasteren met de donkerdere dekveren. De keel is eveneens licht. Hij is veel donkerder dan de kortere Huiszwaluw of de langere Roodstuitzwaluw. Juvenielen zijn valer, met witte toppen aan de binnenste handpennen.

Hij is minder luidruchtig dan de Huisgierzwaluw, zijn roep is met meer 'keelklanken'.

Zijn vlucht is als die van de Gierzwaluw.

Hij nestelt in oude nesten van Roodstuit- en andere zwaluwen. Hij broedt in Afrika ten zuiden van de Sahara. Tegenwoordig ook in Marokko en Z-Spanje van mei-oktober. Soms overwinterend.

 

L 14 / SW 34-36