Woestijnvink

(bucanetes githagineus)

 

De adult-zomer is lichtbruin met een rozige waas (het mannetje rozer dan het vrouwtje maar de intensiteit is variabel), met rood op de vleugels, stuit en flanken, een grijze kruin (vooral het mannetje), een donkerbruine staart en oranje poten. Het mannetje heeft in de zomer een helderrode snavel. Het kleed is zeer variabel. Op de oostelijke Canarische Eilanden is de borst in de zomer vaak dieproze, op de westelijke Canarische Eilanden vaak zilvergrijs. De adult-winter, onvolwassenen en juvenielen zijn valer, voornamelijk zandgrijs met contrasterende donkere vleugelpunten, een geelbruine snavel en rozige poten. 

Zijn zang is een kenmerkend nasaal zoemend tjèèèzz, als een speelgoedtrompet. Zijn roep is een kort metalig èèk of tjèp-tjèp. Hij zit nooit in bomen.

Geërodeerd landschap, halfwoestijnen, stenige woestijnen, rotshellingen. Op de Canarische Eilanden ook aan de kust.

 

L 12,5 / SW 25-28

Maak jouw eigen website met JouwWeb