Drieteenstrandloper

(calidris alba)

 

De Drieteenstrandloper is groter en dikker dan de grootste Bonte Strandloper met een kortere recht snavel en een bredere witte vleugelstreep. In de winter is hij veel lichter en witter dan de andere even grote steltlopers, met een kenmerkende zwarte schoudervlek. In de zomer is hij roodbruin-zwart gevlekt op de bovendelen en borst, maar de buik is wit. Juvenielen zijn grof zwart-wit gevlekt op de bovendelen.

Zijn roep is twik.

Het is een hoogarctische boedvogel. In de winter is hij vrijwel uitsluitend aan de kust langs zandstranden, waar hij foerageert bij de waterlijn, rusteloos, hij rent met de af- en aanrollende golven heen en weer.

In Nederland en België het gehele jaar aanwezig, het minst in juni.

 

L 20-21 / SW 40-45 / J