Ruigpootuil

(aegolius funereus)

 

De Ruigpootuil is uitsluitend 's nachts actief en moeilijk te zien. Hij is groter en bruiner dan de Steenuil, met volledig bevederde tenen en een meer rechtopstaande houding. Hij heeft een opvallende gezichtsuitdrukking, niet met vlakke wenkbrauwen fronsend zoals de Steenuil, maar met de brede witte wenkbrauwen omhooggericht. Hij heeft een opvallend masker met een zwarte rand. Juvenielen zijn roodbruin, inclusief het grootste deel van het masker, behalve de wenkbrauwen.

Zijn zang is Hopachtig, een snel poe-poe-poe-poe-poe, stijgend en dalend, soms gaat het over in een triller.

Meestal naaldbossen in taiga en heuvelgebieden. Hij roest in een dichtbegroeide boom, vaak nestelt hij in een oud nest van de Zwarte Specht.

In Nederland enkele broedparen, ook enkele gevallen van niet-broedvogels. In België een broedvogel in de Ardennen, tegenwoordig jaarlijks.

 

L 24-26 / SW 54-62 / bZ