Visarend
(pandion haliaetus)
De witte kop en onderdelen, de lange slanke gehoekte vleugels met zwarte polsvlekken en het gedrag van stootduiken op vis is kenmerkend. Hij verschilt van de andere arenden met lichte onderdelen door de vleugelvorm en van de Bruine Kiekendief door de witte onderdelen.
Hij heeft een trage vlucht, tijdens de jacht met langzame vleugelslagen over het water vliegend. Ook glij- en zweefvluchten. Hij bidt met meeuwachtig gebogen vleugels.
Hij zit vaak op palen of in een kale boom.
Bebost moerasachtig gebied met meren en rivieren. Hij nestelt bovenin bomen of op rotseilandjes. In de winter bij grotere zoete, brakke of zoute wateren.
In Nederland en België een vrij algemene doortrekker.
L 55-58 / SW 145-170 / D
Maak jouw eigen website met JouwWeb