Noordse Stormvogel

(fulmaris glacialis)

 

De Noordse Stormvogel is een vrij grote meeuwachtige stormvogel met grijze bovendelen en witte onderdelen en kop. De donkere vorm, vooral voorkomend in het Arctisch gebied, heeft donkergrijze boven- en onderdelen en kop.

Hij verschilt van meeuwen door de typische stormvogelvlucht met stijve vleugels, een bleke vlek op de handpennen, een dikke nek en een korte snavel met buisvormige neusgaten.

Hij broedt in kolonies op richels van zeekliffen, soms ook op gebouwen, soms enkele kilometers landinwaarts. Op broedplaatsen is hij luidruchtig met een variatie aan grommende, klokkende en kreunende keelklanken. Hij spuugt soms stinkende maaginhoud naar indringers. Buiten de broedtijd is hij op zee.

Langs de kust van Nederland en België is hij de talrijkste van de stormvogelachtigen, vooral in april en september.

 

L 45-50 / SW 102-112 / J

Nest

 

Bij aanvang van de broedtijd zoekt de Noordse Stormvogel de oevers van eilanden en het vaste land op. De broedkolonies zijn normaal gesproken in de onmiddellijke nabijheid van de zee, zodat de rotsen waarop de vogels nestelen meestal door de golven van de zee worden omspoeld. In arctische gebieden zijn kolonies bekend die zich enkele kilometers van de zee in rivierdalen bevinden.

Midden mei beginnen zij met het leggen van de eieren, op de naakte richels van de steile rotskusten, op uitstekende rotspunten of op een zachtere nestbodem in een kleine kom. Ze bekleden de eieren met wat gras. Soms brengen de oudervogels wat kleine steentjes naar het nest.

Het vrouwtje legt gewoonlijk één ei dat ovaal en zeer variabel gevormd is. Deze vorm voorkomt het gemakkelijk wegrollen. De elliptisch gevormde eieren zijn in het begin zuiver wit, maar vertonen al snel vuilgele en roodbruine vlekken. De schaal is ruw en totaal zonder glans. 

Dat ene ei wordt zowel door het mannetje als het vrouwtje bebroed. De broedtijd duurt in elk geval bijzonder lang, 42/43 tot 60 dagen. De broedende oudervogel zit zeer vast en moet vaak met geweld van het nest verdreven worden. Hij probeert daarbij de aanvaller met zijn zeer stinkende maaginhoud te bespugen. 

De jongen hebben een dicht lichtgrijs donskleed en worden slechts tweemaal per dag gevoerd. Het steekt de hele kop daarbij soms helemaal in de keel van de ouders. De ouders braken daarbij het halfverteerde voedsel uit. Het jong blijft 40-57 dagen in het nest, zijn eerste vlucht over de zee begint pas half augustus.

Maak jouw eigen website met JouwWeb