Grauwe Gors
(miliaria calandra)
Dit is de grootste gors, plomp en met de dikste snavel. Hij is bruin met donkere strepen van boven, lichter van onder met donkere strepen, geconcentreerd op de borst en zo een donkere vlek vormend. Hij verschilt van andere bruine zaadeters door het ontbreken van vleugelstrepen, wit in de staart of andere opvallende tekeningen.
Hij vliegt met afhangende poten.
Zijn zang is kenmerkend, klinkend als een rammelende sleutelbos, in de vlucht of vanaf een zangpost (draad, paal of kluit). Zijn roep in de vlucht is kwit of kwit-it-it.
Open landschap met verspreide bomen en struiken, bouwland, droge graslanden, steppen, heuvels.
In Nederland een zeer schaarse, in België een vrij talrijke broedvogel. Kleine aantallen overwinteren.
L 19 / SW 26-32 / BJ
Nest
De Grauwe Gors nestelt in uitgestrekte lage gedeelten met hier en daar wat bomen en struiken. Ook hebben ze graag vochtige weilanden, klaver- en lucernevelden binnen vliegbereik. Het vrouwtje maakt het nest in een kleine bodemoneffenheid in een weide, in klaver-, hooi- en korenvelden, in greppels, vaak ook in het struikgewas of tussen hoogopgaande planten, tot 30 cm boven de grond.
Het nest bestaat uit plantenstengels, grassen, bladeren en wortels en is met wol, fijne plantendelen, haren, paardenharen en wat veertjes bekleed.
Hij broedt in de periode van eind april tot juli, tweemaal per jaar. Het broedsel bevat meestal 4-5, zelden 3-7 eieren. Deze zijn grijs-, soms blauwachtig wit tot lichtbruin en soms zelfs roodbruin met grijsviolette 'ondervlekken' en zachtbruine adertjes, halen, vegen en vlekken, die zo dicht op elkaar kunnen staan dat een ei er als 'gemarmerd' uit kan zien. Ook vaak alleen vlekken aan de stompe pool, zodat het overige deel van de schaal vrijwel zonder tekening is. Het vrouwtje gaat nog voordat het legsel volledig is broeden. Ze wordt door het mannetje noch tijdens het broeden afgelost, noch gevoerd. De broedtijd duurt 12-14 dagen. Het vrouwtje verlaat de eieren ongeveer eenmaal per uur om wat voedsel te gaan zoeken. De jongen die bijna uitsluitend door het vrouwtje gevoerd worden, blijven ongeveer 9-12 dagen in het nest, voordat zij zich vliegend in de omgeving verspreiden.
Maak jouw eigen website met JouwWeb