Arendachtigen
(accipitridae)
Onder de familie Arendachtigen vallen 6 verschillende soorten roofvogels: Wouwen, Gieren, Kiekendieven, Haviken en Sperwers, Buizerden en Arenden.
Wouwen
(milvus)
Wouwen hebben het formaat van een Buizerd maar met langere vleugels en een langere gevorkte staart die vaak gekanteld wordt in de vlucht.
Ze eten veelal aas en zijn vaak op vuilnisbelten te vinden.
Ze nestelen in bomen.
zwarte wouw
rode wouw
grijze wouw
slangenarend
Gieren
Gieren zijn grote roofvogels met meestal een korte staart en door de lange, brede, stompe en gevingerde vleugels met een spanwijdte van 1,5 tot 3 m uitgesproken aangepast voor zweefvliegen. Vaak hebben ze een nekkraag. Het loopbeen is meestal onbevederd.
De geslachten zijn gelijk.
Het zijn in groepen levende aaseters. Tot op grote hoogte zweven ze, zelf uitkijkend naar kadavers, maar ze letten ook op de vliegbewegingen van andere gieren die mogelijk op weg zijn naar kadavers. Is het karkas eenmaal ontdekt dan verzamelen zich dus grote groepen gieren.
aasgier
kapgier
lammergier
oorgier
monniksgier
vale gier
rüppells gier
bateleur
Kiekendieven
(circus)
Kiekendieven zijn slanke, middelgrote roofvogels met lange smalle vleugels en staart en lange poten. De vleugels zijn vrij puntig. Ze hebben een zwak gemarkeerde halskraag wat de kop soms een rond en uilachtig uiterlijk geeft. M.u.v. de Bruine Kiekendief zijn de mannetjes lichtgrijs en kleiner dan de vrouwtjes. De vrouwtjes en onvolwassenen hebben een witte stuit.
Ze zweven en glijden, tijdens de jacht laag over het terrein, met de vleugels in de kenmerkende V.
Ze nestelen op de grond.
bruine kiekendief
blauwe kiekendief
grauwe kiekendief
steppekiekendief
Haviken en Sperwers
(accipiter)
Dit is het omvangrijkste roofvogelgenus van de wereld. Ze zijn herkenbaar aan de vrij korte, brede, afgeronde vleugels en de lange staart. Het vrouwtje is groter dan het mannetje.
De jachtvlucht is snel en flitsend, ze achtervolgen vaak de prooi in struiken.
Ze nestelen in bomen.
sperwer
shikra
balkansperwer
havik
donkere zanghavik
Buizerden
(buteo/pernis)
Buizerden zijn middelgrote roofvogels met een relatief korte hals en staart en brede vleugels. Ze zijn veel kleiner dan de aquila-arenden die een langere hals hebben. Qua grootte overlappen ze met wouwen en de Bruine Kiekendief, die beiden een langere staart hebben, en met de Dwergarend en Havikarend, die beiden een ander patroon hebben van de ondervleugel en de staartbandering.
buizerd
ruigpootbuizerd
arendbuizerd
prairiebuizerd
wespendief
aziatische wespendief
Arenden
(hieraaetus/aquila)
Dit zijn grote roofvogels met een bevederd loopbeen en brede vleugels en staart. Het adultkleed wordt verkregen in de loop van 2-3 jaar.
Ze hebben een zware vlucht. In zweefvlucht hebben ze gevingerde en iets omhooggewipte vleugeltoppen.
Ongerepte berg- en bosgebieden.
Ze nestelen op richels of in bomen.
havikarend
dwergarend
steenarend
keizerarend
bastaardarend
schreeuwarend
steppearend
savannearend
zwarte arend
Maak jouw eigen website met JouwWeb