Vale Oeverzwaluw
(riparia paludicola)
De Vale Oeverzwaluw verschilt van de iets grotere en minder compacte Oeverzwaluw door het vuilere onopvallende kleed. Hij heeft vuilwitte onderdelen zonder borstband, overgaand in een bruine borst, keel en kin. Hij verschilt van de beide rotszwaluwen vooral door het ontbreken van wit in de staart.
Zijn zang is kwetterend, zijn roep een hoog svie-svie, enigszins lijkend op die van de Oeverzwaluw.
Zijn biotoop en leefwijze is als die van de Oeverzwaluw. Van november tot februari nestelt hij in nestpijpen tot 80 cm, meestal in wanden van rivieroevers en langs wegen.
L 12 / SW 26-27
Maak jouw eigen website met JouwWeb