Bonte Tapuit
(oenanthe pleschanka)
Het mannetje verschilt van de Rouwtapuit door de geelbruine waas op de onderdelen en de witte onderstaartdekveren. Ook lijkt hij sterk op de zwartkelige vorm van de Blonde Tapuit, waarvan het staartpatroon en het gedrag identiek is, maar de Bonte Tapuit heeft een zwarte mantel, verbonden met het zwart van de vleugels en hals. Het vrouwtje en onvolwassenen zijn als het vrouwtje van de Tapuit, maar met een geheel donkere ondervleugel, of als het vrouwtje van de Blonde Tapuit, maar is meestal minder warm geelbruin.
Zijn zang is variabel, imiterend, soms als die van zowel de Blonde Tapuit als die van de Zwarte Roodstaart. Zijn roep is zek.
Open stenige gebieden met struiken, hellingen, lage kliffen. Ook in plantages of zelfs tuinen.
Ten westen van het broedgebied een dwaalgast, ook in Nederland.
L 14,5 / SW 25,5-27,5 / Z
Maak jouw eigen website met JouwWeb